Meer informatie werkconferentie In veilige handen

Meer informatie over het programma, de minicollege's en workshops

 

Minicolleges

 

Wat is seksueel misbruik? Wat valt daar wel onder en wat niet? Tijdens de minicolleges staan we kort stil bij de omschrijving van seksueel misbruik. Vanuit dit uitgangspunt beantwoorden we de vraag: ‘hoe kun je het voorkomen?’. In het project ‘In veilige handen‘ is een keten van maatregelen ontwikkeld die  vrijwilligersorganisaties helpen bij het voorkomen van seksueel misbruik van jongeren. In de minicolleges lichten we het ‘wat’ en ‘hoe’ van de stappenplannen en de bijbehorende maatregelen toe. In principe zijn alle minicolleges gelijk van opzet. Doordat er voldoende gelegenheid is voor het stellen van vragen en om eigen ervaringen uit te wisselen krijgen de minicolleges een eigen accent. 

 

Lunchen met deskundigen

 

Tijdens de lunch zitten een aantal ervaringsdeskundigen aan tafel waar u antwoorden van kan krijgen op uw eigen specifieke vragen. Op de volgend terreinen zijn deskundigen aanwezig: preventie, omgaan met seksueel misbruik, ondersteunen van organisaties en herkennen van seksueel misbruik. Ook de goede voorbeelden van de aanpak bij Scouting en NOC*NSF bespreken we tijdens de lunch met vertegenwoordigers van deze organisaties.

 

Interactieve workshops

 

Tijdens de workshops presenteren we de instrumenten en de do’s en dont’s bij het implementeren binnen de eigen organisatie. U kunt zich voor één van de volgende acht workshops inschrijven:

 

1.       Wanneer en hoe maak je het onderwerp bespreekbaar?

In deze workshop gaat het om het agenderen van de thematiek in de eigen organisatie. Ook is er aandacht voor het vastleggen van de preventie van seksueel misbruik in de statuten en reglementen van de organisatie met bijbehorende voorbeelden.

 

2.       Waar liggen de grenzen in ons gedrag?

Een belangrijk onderdeel van het stappenplan is het invoeren van gedragscodes en omgangsregels. Welk gedrag is nog acceptabel en welk gedrag niet meer? In de workshop leggen we de ontwikkelde gedragscode en omgangsregels uit en worden de grenzen verkend. En we bespreken met elkaar hoe de gedragcode en omgangsregels in de eigen organisatie kunnen worden ingevoerd.

 

3.       Wie kunnen we nog werven we als vrijwilligers?

Helaas is niet aan iemands gezicht te zien of een persoon kwaad in de zin heeft. Om de risico’s te beperken kan voor de werving en selectie van vrijwilligers gewerkt worden met een selectief aanstellingsbeleid en een risicoanalyse. Tijdens de workshop lichten we deze hulpmiddelen toe en discussiëren we over de voor- en nadelen van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG). Ook is er aandacht voor het registratiesysteem voor plegers dat nu wordt ontwikkeld.

 

4.       Welke risico’s zijn er in mijn specifieke situatie?

Hoe bied ik een veilige omgeving? Wat zijn risicovolle situaties? In de workshop wordt de risicoanalyse toegelicht en toegepast. Naar aanleiding daarvan zullen verschillende verbeterpunten zichtbaar worden in de situatie van de deelnemers. Gezamenlijk bespreken we vervolgens wat er aan de risicovolle situaties gedaan kan worden. Welke middelen kun je inzetten en wat zijn de gevolgen daarvan? Hoeveel tijd en geld kost het aanpakken van die risicosituaties?

 

5.       Wat moet ik doen bij een incident?

Iedereen hoopt dat het in de eigen organisatie niet voorkomt. Helaas is seksueel misbruik niet voor 100% uit te bannen. Wat moet je doen als het je overkomt? Daarvoor is een voorbeeldmeldprotocol ontwikkeld. En wordt er hard gewerkt aan een registratiesysteem van plegers. Het voorbeeldmeldprotocol zal worden toegelicht in samenhang met andere stappen in het implementatieplan. Ook zal in deze workshop het registratiesysteem met het bijbehorende tuchtrecht worden toegelicht.

 

6.       Wie moet ik informeren over het preventiebeleid?

Informeer betrokkenen! Ook zonder incident is het belangrijk uit te dragen dat de organisatie preventiebeleid heeft om seksueel misbruik van minderjarigen te voorkomen. Dat is niet altijd even makkelijk. Wat vertel je wel en wat zeg je niet? En tegen wie? Om het preventiebeleid goed vorm te geven in de organisatie is het belangrijk de vrijwilligers, medewerkers, leden, klanten, ouders en eventuele andere betrokkenen gedurende het doorlopen van de stappen mee te nemen in de besluitvorming en implementatie. Hoe doe je dat op een effectieve manier doet, wordt in deze workshop toegelicht.

 

7.       Welke verantwoordelijkheden hebben vrijwilligers en waar kunnen mensen met vermoedens heen?

Vrijwilligers zijn de ogen en oren van de organisaties, zij zien en horen veel. Ruim voor het bestuur of medewerkers op de hoogte zijn, weten vrijwilligers soms al waar het mis zit. Bij het voorkomen van seksueel misbruik van minderjarigen moeten organisaties vrijwilligers op hun plicht wijzen om melding te doen van misbruik en van vermoedens. Maar wanneer is er sprake van misbruik? In een aantal gevallen biedt een vertrouwenspersoon uitkomst. Daar kan een melding worden gedaan, die in vertrouwen behandeld wordt. In deze workshop geven we handreikingen om vrijwilligers te trainen om de verantwoordelijkheid te nemen en bespreken we de rol van de vertrouwenspersoon.

 

8.       Waar vind ik ondersteuning?

Voor veel organisaties zal het een heel karwei zijn om het stappenplan voor het voorkomen van seksueel misbruik van minderjarigen in te voeren. In deze workshop hoort u waar u ondersteuning kunt vinden. U krijgt informatie over het trainingsmateriaal dat in het project ‘In veilige handen’ is gemaakt en over de toepasbaarheid daarvan in de eigen organisatie.

 

Download de uitnodiging.