Maatschappelijke stage verplicht

Wat vindt Vereniging NOV van de verplichte stage zoals die nu wettelijk geregeld is? Lees het artikel van Els Berman, secretaris Vereniging NOV over de maatschappelijke stage (MaS).

Eigenlijk zijn we er minder blij mee dan een paar jaar geleden toen de discussie erover begon. Achter de doelstelling: 'dat jonge kinderen leren en ervaren wat het is om vrijwillig iets voor een ander te doen, het opvoedelement met actief burgerschap als resultaat', daar kunnen we achter staan. De verplichting zint ons veel minder. Nu dat toch zo is, is het belangrijk dat leerlingen zelf kunnen kiezen waar ze de stage lopen. Heel belangrijk is een goede voorbereiding en begeleiding en een goede kwaliteit van de stage. De verplichte MaS moet voor de leerling een positieve ervaring zijn, anders schiet het z'n doel voorbij.

Oppervlakkigheid ligt op de loer

Aanvankelijk was het de bedoeling dat leerlingen een behoorlijk aantal uren stage moesten lopen. Het begon met drie maanden en is nu uitgekomen op 30 uur in een hele schoolloopbaan. Uit de praktijk van de afgelopen jaren blijkt dat scholen de stage-uren graag verdelen over een paar schooljaren. Dat betekent dat er jaarlijks niet 195.000 leerlingen op stagepad gaan, maar twee of drie keer zoveel, voor korte periodes en vaak ook nog op verschillende plekken. Het wordt erg versnipperd en krijgt meer het karakter van een snuffelstage. Leerlingen sprokkelen hun uurtjes bij elkaar en oppervlakkigheid ligt op de loer.

Vrijwilligersorganisaties écht leren kennen

Maatschappelijke organisaties vinden het juist fijn om een leerling een langere periode in te kunnen zetten. Het voordeel voor leerlingen is dat zij zo echt een goed idee krijgen wat vrijwilligerswerk inhoudt, hoe een vrijwilligersorganisatie in elkaar steekt en dat ze echt hun bijdrage kunnen leveren. Organisaties bereiden zich voor om de MaS goed en structureel in de organisatie te implementeren. Dit vergt veel tijd en inspanning. Het nut dat organisaties van MaS hebben wordt nu veel beperkter. Ze moeten steeds in andere leerlingen investeren en als die de zaak onder de knie hebben vertrekken ze weer. Dit vergt meer begeleiding en leidt tot minder interessante klusjes.

Veel scholen vinden het  fijn om in hun lesplan een zogenaamde stageweek in te plannen, bijvoorbeeld tijdens de eindexamens of tijdens een excursieweek van hogere klassen. Het gevolg is dat de stages overdag en doordeweeks moeten plaatsvinden. Dat beperkt de keuzevrijheid van de leerlingen in grote mate. Veel vrijwilligersorganisaties zijn dan niet actief, denk aan sport, vrije tijdclubs, cultuur en amateurkunst of natuurorganisaties. Daardoor zal de MaS zich meer gaan afspelen op en rondom school of in professionele organisaties zoals in de zorg of het onderwijs. Dat was toch niet de bedoeling!

MaS is een investering voor vrijwilligersorganisaties

Dan het financiële aspect. NOV hamert al jaren op het feit dat MaS voor vrijwilligersorganisaties een investering betekent: om een goed en interessant stageaanbod te kunnen doen en om de leerling op een verantwoorde manier te begeleiden. Er worden vaak speciale vrijwilligers aangetrokken en getraind. Niet iedereen beschikt over de pedagogische kwaliteiten om pubers te begeleiden. Daarvoor is geld nodig: uit de gemeentelijke MaS-pot, maar zeker uit de MaS-pot waarover scholen beschikken (die is immers voor begeleiding bedoeld). Veel organisaties komen echter bij de scholen voor een gesloten geldloket.

Met de introductie van de verplichte Mas is het eerder toegezegde budget van € 30 miljoen met 30% verminderd. Een slechte zaak. Dat betekent minder geld voor de makelaarsfunctie en voor de ondersteuning van het vrijwilligerswerk, terwijl er nog veel werk te verzetten is voordat er een kwalitatief goede MaS neergezet is. Dit houdt ook minder geld  voor de begeleiding in, terwijl er niet 165.000 leerlingen per jaar stage lopen zoals in de toelichting op de invoeringswet staat. Het zullen er na twee jaar verplichte stage bijna 400.000 per jaar zijn. En dat in een tijd waarin gemeenten voor een enorme bezuinigingstaak staan. De eerste vrijwilligerscentrales (makelaars!) zijn al omgevallen. De subsidies voor maatschappelijke organisaties en (vrijwilligers)activiteiten staan de komende jaren sterk onder druk. Binnen vrijwilligersorganisaties zal de MaS dan geen prioriteit krijgen. Enfin, het idee was leuk, maar de uitvoering is gebrekkig.'

Wilt u meer informatie of reageren? Neem dan contact op met Els Berman. Mail uw reactie naar  novnieuws nov.nl .