Vier misverstanden en vier adviezen aan de overheid

17 oktober 2013

Op 17 oktober sprak NOV-voorzitter Marius Ernsting op de Ravelijn-conferentie Zorgen in de toekomst. Hieronder leest u de outline van zijn lezing.


Citaat uit de troonrede: Gecombineerd met de noodzaak om het tekort van de overheid terug te dringen, leidt dit ertoe dat de klassieke verzorgingsstaat langzaam maar zeker verandert in een participatiesamenleving.

Vier vooroordelen/misverstanden

1. We zijn al lang een participatiesamenleving!

Nederland staat al decennia aan de participatietop [World Giving Index 2012] met 40% deelname aan het vrijwilligerswerk. Dat betekent meer dan 5 miljoen mensen die samen voor meer dan 1 miljard uur vrijwillige participatie in de samenleving bewerkstelligen. En dan is er ook nog eens 500 miljoen uur aan mantelzorg. Kennelijk moeten we meer participeren zoals de overheid dat wil: in de Wmo, in de publieke ruimte, in de inburgering, in de reïntegratie (in tegenstelling tot in de amateurkunst, sport, erfgoed, natuur, etc.).

2. De overheid wordt niet kleiner

De overheid besteedt met 267 miljard euro, 44% van het bruto binnenlands product. Dit is het hoogste percentage sinds 1996. Ter vergelijking: aan goede doelen wordt door burgers en bedrijven 4,3 miljard gegeven, 0,7 % van het BBP. [Geven in Nederland 2013, VU]

3. De burgers gaan niet meer participeren als de overheid kleiner wordt

Uit onderzoek blijkt dat vrijwilligerswerk juist wijd verbreid is in staten met een hoge welvaart en hoge uitgaven voor sociale zekerheid. [European Social Survey] Een actieve overheid en actieve burgers gaan hand in hand

4. Niet alle burgers willen/kunnen participeren

Uit onderzoek [TNS Nipo] is naar voren gekomen dat ruim 20% weinig bereidheid toont om zelf verantwoordelijkheid te nemen. Die bereidheid wordt door drie factoren bepaald:

  • om welke verantwoordelijkheid gaat het
  • hoeveel contact hebben mensen met elkaar in de buurt, en 
  • in welke sociale welstandklasse vallen de buurtbewoners. 

Het onderzoek geeft twee categorieën aan waarbij we niet te veel moeten verwachten van burgerparticipatie: de welgestelde passieven (veel bezig met carrière, meest in de grote steden) willen niet, de arme passieven (flatbewoner, lage inkomens, ook vooral grote steden) hebben geen idee of en hoe ze moeten participeren.

Vier aanbevelingen aan de overheid

  1. Ga nu eindelijk eens serieus onderzoek doen naar dat zogenaamde altruïstische overschot, met name daar waar burgers volgens de overheid méér zouden moeten participeren.
  2. Denk fundamenteler na over herverdeling van verantwoordelijkheden. Dat wil zeggen: betrek daarbij ook een herverdeling van middelen. Vrij naar de slogan van de kolonisten in de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog [No taxation without representation]: no participation without tax return!
  3. Laat alle ambtenaren een training volgen: loslaten = overlaten aan anderen.
  4. Accepteer dat burgerparticipatie in de ene plaats andere voorzieningen kan opleveren dan in de andere, accepteer ongelijkheid. [Advies Terugtreden is vooruitzien, RMO]

Vier aanbevelingen aan de burgers

  1. Volg je hart.
  2. Maak je eigen keuze.
  3. Ga gewoon met elkaar aan de slag.
  4. Laat je niet gek maken.