Kwaliteit vrijwilligerswerk versus betaald werk

24 oktober 2013

De manier waarop organisaties die met vrijwilligers werken omgaan met functiebeschrijvingen, beloningen, autonomie of risicomanagement is nadrukkelijk van invloed op de bereidheid van vrijwilligers om zich in te (blijven) zetten. En op de kwaliteit van hun inzet. Dit blijkt uit het onderzoek “Het midden houden tussen gezag en vrijheid; De kwaliteit van de arbeid toegespitst op vrijwillige inzet; Op basis van de casus van de Maltezer vrijwilligers” waarop M. de van der Schueren op 24 oktober 2013 promoveerde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Vrijwilligers zijn bereid zich meer in te zetten als organisaties aandacht aan de genoemde aspecten besteden en minder, of helemaal niet, als dit niet gebeurt. Het promotieonderzoek geeft antwoord op de prangende maatschappelijke vraag wat organisaties kunnen doen om vraag en aanbod van vrijwillige inzet beter op elkaar aan te laten sluiten dan nu vaak het geval is.

Er is toenemende aandacht voor vrijwilligerswerk in de media, de politiek, de overheid en bij vrijwilligersorganisaties zelf: er zijn steeds meer mensen en organisaties nodig om de werkzaamheden te verrichten die de markt of de overheid niet uitvoert. Vraag en aanbod van vrijwilligerswerk sluiten echter niet goed aan. De afgelopen decennia is er veel wetenschappelijk onderzoek naar vrijwilligerswerk gedaan, maar de aansluiting tussen vraag en aanbod is echter nog maar sporadisch onderzocht.

De bereidheid van mensen om arbeid te verrichten heeft veel te maken met de inhoud, de omstandigheden, de verhoudingen en de voorwaarden van die arbeid. In het onderzoek worden deze vier aspecten van de kwaliteit van de arbeid voor de inzet van vrijwilligers bekeken. Een reis voor zorgbehoevenden van de Orde van Malta die sinds tientallen jaren georganiseerd wordt door circa 100 zorgvrijwilligers stond als casus centraal in het onderzoek. Om de onderzoeksbevindingen te valideren is een ronde langs nog vijfentwintig andere vrijwilligersorganisaties gemaakt.

De gevonden kwaliteitskenmerken zijn duidelijk verschillend van de manier waarop mensen en middelen bij de betaalde inzet worden georganiseerd. Zowel qua arbeidsinhoud, arbeidsvoorwaarden, arbeidsverhoudingen als arbeidsomstandigheden.

Functiebeschrijvingen ondrukken neiging tot meedenken

Voor de arbeidsinhoud geldt dat de noodzaak van (vergaande) functiebeschrijvingen vervalt als er geen kostenmotief is. Hooguit kan een bestuursmotief voor de doelgerichtheid van het werk een reden zijn om met functiebeschrijvingen te werken. Is dit niet aan de orde, dan onderdrukken functiebeschrijvingen niet alleen de neiging tot meedenken, maar ook de mogelijkheden voor medewerkers om zelf te zorgen voor de nodige effectiviteit, efficiëntie en welzijn binnen hun werk. Voor de arbeidsvoorwaarden geldt dat met name symbolische, niet geldelijke beloningen door vrijwilligers als waardevol worden beschouwd. Geldelijke beloningen werken zelfs ondermijnend: vrijwilligers gaan dan niet meer, maar juist minder werken.

Voor de arbeidsverhoudingen blijkt autonomie een zeer bepalend gegeven te zijn voor de kwaliteit van de vrijwillige inzet. Autonomie gaat over zelfstandigheid en zelfsturing. Vrijwilligers gaan meer werken als een organisatie hier ruimte voor biedt. Zij gaan minder werken, of stoppen zelfs, als dit niet het geval is. Voor de arbeidsomstandigheden is belangrijk dat vrijwilligers grotendeels zelf hun arbeidsomstandigheden willen kunnen bepalen. Dit kan ertoe leiden dat vrijwilligers het als een uitdaging beschouwen om ook onder relatief zware omstandigheden of ondanks bepaalde beperkingen vrijwilligerswerk te verrichten.

De overige vijfentwintig organisaties die na uitvoering van het onderzoek bij de Orde van Malta bezocht werden herkennen zonder uitzondering wat de onderzoeksbevindingen verwoorden. Hoewel zij uiteindelijk wel voldoende vrijwilligers weten te vinden zou het hen enorm helpen als zij de kwaliteit van de vrijwillige inzet gerichter kunnen beïnvloeden. Het uitgevoerde onderzoek geeft aan in welke richting dit zou moeten. Nader onderzoek moet helpen te bepalen hoe dit precies vorm kan krijgen. 

Lees verder op: http://www.kwaliteitvrijwilligeinzet.nl/