Gokken op het altruïstisch 'overschot'?

04 februari 2013

 

Marius Ernsting tijdens Nieuwjaarsreceptie 2013 SBFOnderstaande speech sprak Marius Ernsting, voorzitter van Vereniging NOV, uit tijdens de nieuwjaarsreceptie van de Samenwerkende Brancheorganisaties Filantropie (SBF) op donderdag 31 januari 2013.

Gokken op het altruïstisch overschot

Het is crisis en dat betekent dat er van alles tekort lijkt: economische groei, subsidies, bestedingen, woningen, banen en vertrouwen. Maar er is een andere kant.

Veel sociaal kapitaal

Van sommige dingen is er veel, al staan die niet in de doorrekeningen van het CPB:

  1. Ruim vijf miljoen vrijwilligers á 200 uur per jaar = één miljard uur onbetaald werk voor de samenleving. 
  2. Ruim drie miljoen mantelzorgers, waarvan één miljoen intensief á 400 uur per jaar = een half miljard uur onbetaald werk voor onze naaste medemensen. 
  3. 65.000 Algemeen nut beogende instellingen en ruim 200.000 sociaal belang behartigende instellingen = een fijnmazige infrastructuur van sociale contacten (mensen met een actief sociaal netwerk zijn gezonder en leven langer). 
  4. Bijna vijf miljard euro particulier geld voor goede doelen. Samen vormen ze het enorme sociaal kapitaal van onze civil society.

 

Samen vormen deze punten het enorme sociaal kapitaal van onze civil society. Nederland staat op de zesde plaats in de World Giving Index 2012: hoger dan de UK en Denemarken, hoger dan Duitsland, Zweden, België of Frankrijk.

De overheid praat met…

De regering wil naar een kleinere overheid, wil het huishoudboekje van de overheid op orde en wil meer verantwoordelijkheid bij de burgers. Die drie vaste punten zie je terug in grote operaties die in de steigers staan. Neem bijvoorbeeld de zorg: jeugdzorg, AWBZ-zorg, ouderenzorg. Voorzieningen die nu nog overheidsverantwoordelijkheid zijn zullen dat straks niet meer zijn, of overgeheveld worden naar lagere overheden. We praten over een pakket van bij elkaar zo’n 10 miljard. Er wordt gepraat over de uitvoering: met gemeenten, sociale partners, en met de officiële zorginstellingen (de zogenaamde aanbieders).

Maar er wordt nauwelijks…

Er wordt nauwelijks gepraat met de civil society, dat is kennelijk een blinde vlek. Toch zal daar een deel van de problemen neergelegd worden. Van regering via gemeenten naar - volgens de hiërarchie van de Wmo - wat mensen zelf nog kunnen, wat hun familie kan, wat hun omgeving en wat vrijwilligers kunnen doen. Dit vóórdat er wordt gekeken naar de al genoemde aanbieders. Niemand lijkt de vraag op te werpen of die civiele reserve waarop gerekend wordt (in de dubbele zin van het woord) er nog wel is, bovenop alles wat al gebeurt in die punten die ik eerst noemde. Er wordt gegokt op het bestaan van een ‘altruïstisch overschot’ (Tonkens) dat soelaas moet bieden, maar of dat er is, en hoe groot, weet niemand.

Alle reden dus om te praten, maar dat gebeurt niet. Gemeenten hebben al alarm geslagen en willen een onderzoek of het allemaal we uit kan met de (gekorte) budgetten die met de overheveling meekomen. Met die gemeenten wordt wel gepraat, maar niet met de organisaties die de civiele kracht representeren: niet met NOV, niet met Mezzo, en ook niet met SBF (althans, over dit onderwerp).

Een gezamenlijke stem

Het is de hoogste tijd voor een bundeling van de civiele kracht, voor een beweging die vanuit de samenleving een eigen rol wil spelen en die daarin serieus genomen wil worden. Ik pleit voor een nationaal platform voor een actieve samenleving, dat een gezamenlijke stem geeft aan de civil society. Wij zullen dat zelf moeten doen, niemand doet het voor ons. Vanuit het besef dat een sterke civiel samenleving zoals wij die kennen een lange geschiedenis van opbouw en maatschappelijke betrokkenheid heeft en die voortdurend onderhoud behoeft. Voor die samenleving geldt wat voor elke goede menselijke relatie geldt: ‘Don’t take it for granted!’

 

Tijdens de nieuwjaarsreceptie spraken ook staatssecretaris Teeven (VenJ) en Steven van Eijck (SBF)